Reizen Hiken Adventure Sneeuwwandelen

Wandelvakanties Trekkings Expedities

Wandelvakanties, rugzaktrekkings en expedities

 

Begin je reis hier

2018-08-31

Nieuws van de Pakistan groep

Reisblog Pakistan

Pakistan Fairy Meadows - K2 basecamp

Meteen na aankomst in Islamabad voel je het, ja, er zijn plekken waar het nog warmer is dan in NL en die super hete zomer van 2018. Het is dan nog nacht in Pakistan waar we aankomen op het net geopende nieuwe vliegveld. In de middag van diezelfde dag ‘sightsee-en’ we de culturele hoogtepunten van de stad; het nationale museum (leuk, een soort verstilde Efteling), de een na de grootste moskee ter wereld waar wij toch eigenlijk wel de hoofdattractie zijn en het nationale monument waar de 5 dames uit onze groep als fotomodellen voor oneindig veel selfies ‘gebruikt’ worden. De dag wordt afgesloten met een top diner op hoog niveau op een bergflank waar de hele jetset van de stad zit met een million dollar view over Islamabad. Onze reis is nu echt begonnen.

Het is 12 tot 14 uur rijden naar Chilas over de Babusar pas, zegt Abbas, mijn lokale gids. Ik neem die 12 tot 14 uur met een flinke korrel zout, vorige keer deed ik er zeker 20 uur over. Maar de tolweg komt nu al tot aan Haripur, 6 jaar na mijn laatste bezoek aan Pakistan is er een hoop veranderd, het is niet de laatste keer dat ik deze conclusie zal trekken. In Abbottabad, ooit de schuilplaats van de illustere Bin Laden, tanken we, wisselen we van chauffeur en bemachtig ik een Magnum ijsje, mijn dag is helemaal goed  :-).

Na Balakot, ooit de plek van een alles verwoestende aardbeving, beginnen we aan de lange klim en rijden spectaculair hoog boven de Kunhar rivierkloof naar Naran waar we lunchen. Hier op 2500 meter hoogte begint het aardig af te koelen.

Het is behoorlijk druk op de weg en ook na Naran blijft dat zo, wat is hier aan de hand? Het Lulusar meer is een binnenlandse toeristische attractie geworden, er zijn wegrestaurants, de weg is en blijft geasfalteerd en ook de 4177 meter hoge Babusar pas staat vol met souvenir kraampjes. Selfie-time voor de dames (en heren) met de blije Pakistani. Tijdens de afdaling naar de op 1200 meter hoogte gelegen Indus vallei houden we nog een rem/naaf afkoel pauze en zo rijden we inderdaad na die beloofde 12 tot 14 uur Chilas binnen. Het Shangri La hotel is nog dezelfde oase als in 2012 (maar nu wél met WiFi), met stijlvolle kamers inclusief de old fashioned watergekoelde airco’s. Het is warm is Chilas, verpletterend warm.

Over de oude KKH (KaraKoramHighway), een asfaltstrook net twee kleine vrachtwagens breed, rijden we sneller dan verwacht naar Raikot bridge. Daar staan de stoere jeeps te wachten voor de zien is geloven spectaculaire rit naar Tato en de Fairy Meadows aan de voet van de Nanga Parbat (een van de vijf bergen met de top boven de 8000 meter die Pakistan rijk is). Met 4 jeeps rijden we over de vaak net een jeep brede trail naar boven, zit je links dan heb je de afgrond vlak naast je. Ook hier is het drukker dan verwacht, regelmatig moeten we achteruitsteken om tegenliggers te laten passeren. Na anderhalf uur rijden zijn we in Tato en op 2600 meter hoogte waar we lunchen.

Het is dan nog 700 meter klimmen naar Fairy Meadows maar dat doen we lopend. De ‘Swiss style chalets’ staan er prachtig bij, we zijn net op tijd voor de laatste zonnestralen, wat is het toch een toplocatie. De losse bewolking maakt het uitzicht op de werkelijk enorme noordwand zo mogelijk nog mooier. 

We zijn niet de enige die Fairy Meadows een mooie plek vinden, naast misschien een vijftal andere westerse toeristen er zijn wel honderd Pakistani die deze plek ook ontdekt hebben, gezellig is het allemaal wel.

Skardu - Askole - Jula

Na nog een klein stukje over het luxe, door de Chinezen opgeknapte gedeelte van de KKH te hebben gereden slaan we af en volgen de Indus rivier naar Skardu. Die weg is dan weer een uitdaging, over de gehele lengte wordt er aan de weg gewerkt en het is een lange weg. De route zelf is prachtig, de Indus stroomt en slingert zich hier door een kloof. ‘s Avonds in het donker rijden we de stad binnen en naar het K2 motel.

‘s Ochtends zien we pas hoe mooi het hotel gelegen is, er is een prachtige tuin met zicht over de hier enorm brede Indus vallei en in de tuin staat het Italiaanse K2 museum. Dat museum is een verrassing, echt informatief en mooi gedaan met mooie panorama foto’s uit de jaren 30 van de vorige eeuw van Vittorio Sella.

Het is nog even spannend of de permit vandaag rond komt, er zijn meerdere (!) groepen die vandaag richting Askole gaan. Ali is er zelf ook, hij is speciaal uit Islamabad overgekomen om het een en ander te ‘regelen’. Op het laatste moment wordt er nog een paar wandelstokken voor me gekocht, vergeten in de jeep vanaf Fairy Meadows.

De rit naar Askole is een klassieker. Beginnen we nog op asfalt, later rijden we over spectaculaire hangbruggen en langs afgronden steeds verder de bergen in. Bij een steenslag gevaarlijk gedeelte stoppen we, eerst moet de weg vrijgemaakt worden voordat we verder kunnen. Wij lopen en de jeeps rijden zo snel mogelijk langs het bedreigde gedeelte. Het is avond en het regent licht wanneer we het dorpje binnenrijden.

De eerste dag van een trektocht is het altijd een chaotische drukte van belang. We hebben nog geen idee welke staf en porters bij ons ‘horen’. Iedereen loopt te sjouwen met onze spullen, er zijn lastdieren en iedereen lijkt zich met alles te bemoeien. Het beste is maar gewoon op pad te gaan en het allemaal aan de Pakistani over te laten.

Al snel komen we langs een voor mij nieuwe checkpost. Iedereen moet een vragenlijst invullen wat wij, gezagstrouw als wij zijn, natuurlijk zo netjes mogelijk doen. Ik heb niet de indruk dat het er echt iets toe doet wat je er invult, Pakistani houden nu eenmaal van papierwerk. Het is een beetje bewolkt en dat is eigenlijk wel lekker ook, het is warm op deze hoogte.

Rond lunchtijd maken we voor het eerst kennis met onze kookploeg, er is noodle soup, de bekende zoete en zoute koekjes, er zijn blikjes vis, Happy Cow kaas en natuurlijk, thee, koffie en limonade poeder. De Biafo gletsjer, die van de Snowlake trek, is beeldvullend, er hangt een zwarte laag bewolking overheen. Even daarvoor zijn we de hangbrug over de uitstroomrivier al overgestoken. Na de lunch lopen we door naar onze eerste trekkingkampeerplek, Jula. De omgeving is puur woestijn, het is er droog en stoffig. Om ons heen worden de bergen al steiler en hoger en hoger, het is mooi.

Paju - Khoburtse - Urdukas

Vandaag lopen we van Jula naar Paju, de vaste acclimatisatie plek met de laatste bomen voordat je de Baltoro gletsjer op gaat. De zon schijnt volop, het is een stoffige en lange dag. Gisteren zijn er al twee ‘reserveringsporters’ doorgelopen zodat we een van de plekken onder die bomen kunnen bemachtigen. We lopen langs de bulderende Baltoro rivier geleidelijk omhoog, om ons heen de kale rotswanden.

Iedereen rent ineens naar de rivier. Wat is er aan de hand? In het wild stromende water vecht een muildier voor zijn leven met de bagage nog op zijn rug. Wat een drama! Het dier is kennelijk vlak langs de kant gelopen en is uitgegleden of heeft een stuk van de hoge oever afgetrapt. De situatie is kansloos, het dier drijft met bagage en al steeds verder stroomafwaarts, het is voorbij. Het beest draagt toevallig geen bagage van onze groep.

Nu we een paar dagen onderweg zijn bemerk je dat de jetlag nog niet helemaal verwerkt is, iedereen is toe aan een rustdag, even een beetje 'landen'. Paju is daar echt de plek voor. Het is er warm, je hebt schaduw en je hebt er (vlakbij) zicht op de eerste van 4 achtduizenders die we gaan tegenkomen, de Broad Peak.

Op onze rustdag maken we een mooie acclimatisatie wandeling, of eigenlijk klim, naar 4000 meter hoogte. Daar is een enorme schuinaflopende rots waar je in de zon kunt liggen. Het uitzicht over de Baltoro gletsjer is magnifiek. Acclimatiseren doe je vooral door gewoon niets te doen, zogezegd, zo gedaan.

De volgende ochtend lopen we dan voor het eerst over of eigenlijk op de Baltoro gletsjer. De komende week blijft dat zo. De komende twee nachten kamperen we er nog naast, maar daarna staan onze tenten vijf nachten op het ijs. Van al dat ijs zie overigens vaak minder dan je misschien zou denken, de Baltoro gletsjer is voor het merendeel bedekt met een dikke laag gruis en stenen. Dat loopt natuurlijk wel zo makkelijk.

De route over de gletsjer ligt in grote lijnen vast maar het spoor zelf is elke dag anders. Alhoewel de gletsjers in de Karakorum nog redelijk onaangeroerd lijken in het ‘opwarmingsverhaalvandeaarde’, bewegen en smelten ze natuurlijk wel. Met steenmannetjes wordt de makkelijkste weg aangewezen. Het gaat op en neer en soms de verkeerde kant op voor je gevoel, het perspectief verandert continu. Ook is het warm! Eindelijk ijs onder je voeten maar het helpt niet. Nadat we de gletsjer zijn overgestoken klimmen we tegen de zijmorene op. De dames vinden een koude knuffelmuur om af te koelen, even verderop lunchen we in de nabijheid van een helder waterstroompje. Mijn parasol/paraplu komt goed van pas.

Net voor we bij onze kampplek voor vandaag aankomen is er nog een mooie detour. Een zijgletsjer die zich bij de hoofdstroom van de Baltoro aansluit zorgt ervoor dat we flink moeten ‘omlopen’. Vlakbij het kamp is er een plekje uit het zicht waar ik een ijskoude douche neem, vanavond schoon de slaapzak in.

De dag van Khoburtse - Urdukas is een van de kortere, we komen net voor de lunch binnenlopen. Dat is maar goed ook, ‘s middags giet het, we zitten heerlijk droog in onze tentjes. Urdukas heeft een uitzicht om te watertanden; je staat er hoog boven de immense gletsjer en kijkt uit op het Trango massief met als uitschieters de Nameless tower en de Trango tower. Beide granieten torens van over de 6000 meter hoog en in dezelfde klasse als de Cerro Torre of Fitzroy in Patagonië. De zonsopkomst de volgende ochtend is er dan ook een uit duizenden, yeah.

Urdukas - Goro - Concordia - Broad Peak BC

Yes, de K2! Het is een bijna onbewolkte dag wanneer we ergens in de loop van de middag aankomen op Concordia. Hier op de plek waar 5 gletsjers samenkomen, heb je voor het eerst zicht op de imposante pyramide van de K2. Toch écht de één na hoogste berg ter wereld met z’n 8611 meter hoogte. Het zicht op de berg voelt ook als een beloning na 6 dagen trekking. De locatie en omgeving van Concordia is sowieso top; je kampeert er vlak onder de Gasherbrum IV, met zijn 7925 hoogte net geen 8000-er. Achter deze top, maar niet zichtbaar, reiken de Gasherbrum I en II wel tot boven die magische grens.

De afgelopen twee dagen zijn we over de Baltoro gletsjer hier naartoe gelopen over een prima pad. Nu we wat hoger zijn is de gletsjer wat minder verbrokkeld, er is meer schoon ijs (zonder keien en rotsen erop) en er zijn meer riviertjes gevuld met smeltwater die een soort bobsleebanen maken in het ijs. Vaak verdwijnen die stroompjes kolkend ergens in een gat de gletsjer in. Dat ziet er mooi uit maar bezorgt je ook een beetje koude rillingen.

Net voor we bij Concordia aankomen maken we nog een helikopter redding mee. Vlakbij een van de militaire kampen op de Baltoro wacht een klimmer/trekker op de heli. Het is een spectaculair gezicht om een van de twee heli’s, in Pakistan vliegt het leger altijd met twee stuks, te zien landen en weer opstijgen. Die kampen met een paar soldaten vind je verspreid over de hele gletsjer. De 50 kilometer (of langer) lange draad van de veldtelefoon ligt er ook nog steeds al lijkt deze nu niet meer in gebruik.

Vandaag zijn we van Goro II, een willekeurige kampeerplek op het ijs, hier naar toe gelopen. Nu we op de gletsjer kamperen is er ruimte zat, maar dat weerhoudt de porters er niet van onze tenten hutjemutje naast elkaar op te zetten en liefst zo ongeveer in de kooktent. We blijven hier vannacht staan, verplaatsen morgen ons kamp naar het Broad Peak basecamp in de richting van de K2 en komen hier dan weer terug voor 2 nachten. Op Concordia is het altijd een drukte van belang.

De paardenmannen, er werken er 8 voor ons met in totaal 12 paarden/lastdieren, gaan vanaf hier terug naar Askole. Zoals altijd willen ze meteen afscheid nemen, ze lopen vandaag nog heel eind terug, waarschijnlijk verder dan wij ons kunnen voorstellen. Tijdens de thee wordt de fooi ingezameld, aan de blije gezichten en hun afscheids-yell is goed te merken dat ze er content mee zijn. Vanaf hier werken er nog 25 porters voor ons, eerder zijn er in Paju al 5 teruggegaan (ook deze mannen lopen dan diezelfde dag/nacht nog terug naar Askole, respect). Al met al zijn we met z’n 40plus-en op pad.

Het pad naar het Broad Peak en K2 basecamp is lastig in het begin. We moeten weer op de juiste gletsjerstroom komen. Het is hier bij Concordia een chaos van die verschillende stromen, er zijn diepe valleien in het ijs, steile instabiele wanden, het makkelijkste pad slingert zich er doorheen. De porters weten de kortste weg, vaak net iets te uitdagend voor ons, wij volgen de ‘easy way’. Vandaag heb ik zin om even lekker door te lopen, Mayke, Jeroen en Jan sluiten zich bij me aan. Een wedstrijdje met de Pakistani porters zullen we nooit winnen, zo mooi om te zien hoe efficiënt ze lopen en eigenlijk nooit een foute keuze maken op welke steen wel of niet te staan.

Op deze enorme gletsjers gebeurt er iets raars in je hoofd. Richting de K2 lijkt de gletsjer af te lopen, je zou zweren dat je naar beneden loopt. Aan je tempo en de hoogtemeter kun je zien dat dat toch echt niet het geval is. Het Broad Peak basecamp is voor mij een beetje ‘thuiskomen’, ik woonde hier in de zomer van 2012 een paar weken als expeditieklimmer. Helaas geen top toen.

Broad Peak basecamp - K2 memorial - Concordia - Ali kamp - Gondogoro La 

Over 4 dagen klimmen we over de 5600 meter hoge Gondogoro La (bergpas) naar de Hushey vallei, tijd om te oefenen met de stijgijzers, touw, klimgordel, het prusiktouwtje en de karabiners. Altijd weer leuk om te zien dat het omdoen van zo’n klimgordel niet erg intuïtief is, het levert interessante oplossingen op. Ik heb twee 30 meter touwen meegenomen en we maken daarmee een lange touwgroep met z’n 11-en, wat is 60 meter toch een eind! Na wat rond te hebben gelopen over de gletsjer schroef ik een paar ijsschroeven in het ijs, maak het touw vast en oefenen we in het klimmen langs en met gebruik van het touw en het afdalen. Iets wat tijdens de afdaling goed van pas zal komen.

Alle expeditiegroepen zijn al vertrokken, zowel hier in het Broad Peak bc als in het K2 bc. Na een slechte start van het klimseizoen in juni (lees slecht weer), werd juli een topmaand als nooit tevoren; 56 klimmers op de top van de K2! Een Pool is vanaf die top in 2 uur naar het basiskamp geskied, het kan altijd gekker. Wij lopen vandaag naar het K2 memorial, een rotspunt aan de voet van de berg om stil van te worden. De plek hangt vol met plaquettes (vaak van die metalen borden of dienbladen) met al diegenen die de beklimming, vaak tijdens de afdaling nadat ze de top bereikt hadden, niet overleefden. De wandeling door het ijslabyrint er naar toe en terug over de gletsjer is prachtig.

Terug op Concordia is het tijd voor een wasbeurt en wordt er weer volop geklaverjast. De geboren 020-ers tegen de rest van het land, de gemoederen lopen hoog op. ‘s Avond is er een prachtige half bewolkte zonsondergang, de volgende ochtend regent het. Weer precies op onze rustdag, jammer, maar liever nu dan al lopend onderweg. Na al die dagen trekking is het heerlijk om eens een ochtend je tent niet in te pakken, de wekker niet om 05.15 uur gaat. Ik lees nog wat in K2, een boek over de klimhistorie van de Amerikaanse klimmer Ed Viesters, die de berg, en overigens alle 8000-ers, zelf heeft beklommen. Hier aan de voet van de berg is dat natuurlijk de uitgelezen plek om dat te doen.

Onze kookploeg excelleert vanmiddag met patat (hoe maak je een groep Nederlanders + één Vlaamse blij). Het zijn sowieso toppers met ongekend veel variatie. Chef-kok Masco Ali heeft een aantal jaren in Rusland gewoond en we begroeten elkaar dan ook ‘s ochtends in het Russisch. Masco wordt bijgestaan door 4 assistenten die ook onderweg, mits ze in de buurt zijn, een helpende hand bieden.

Is dit de topdag? Misschien niet in hoogte maar wel in het onovertroffen uitzicht. We zijn onderweg naar het Ali kamp aan de voet van de pas. Na letterlijk en figuurlijk een paar ijshobbels te hebben genomen komen we op een kaal ijs - niet gladde -gletsjer snelweg. De omgeving is alleen in superlatieven te beschrijven, ik word er een beetje hyper van. Het is onvoorstelbaar prachtig weer, om ons heen staat het vol met immense bergen, de K2 in volle glorie. Het ijs is vrij van struikelstenen zodat je onbelemmerd om je heen kunt kijken, wat is het mooi.

Om 00.10 uur gaan we, de tweede groep, op pad. Een viertal van onze groep is 45 minuten eerder al vertrokken en de planning is elkaar tijdens de klim weer te treffen. Vanaf het kamp loop je eerst anderhalf uur over de keienmorene voordat je de gletsjer oversteekt en aan de klim van de pas begint. Het is windstil en bijna warm, wat een geluk. We zijn niet de enigen, met ons is er nog een groep Spanjaarden en daarnaast worden we begeleid door een aantal Pakistani van het Gondogoro La rescue team. Zij onderhouden de trail en het vaste touw wat aan beide zijden van de pas ligt. Het is augustus en er ligt nauwelijks sneeuw op de gletsjer. De steile klim naar de pas is als een kerstboom uitgelicht door de hoofdlampjes van de Pakistani porters.

Het is voor mij de vierde keer dat ik deze pas oversteek, de route naar de top is veranderd. Na het eerste steile stuk wat min of meer hetzelfde gebleven is volgt er nu een serieuze klim tegen een ijswand op. Ik voel me sterk en klim met alleen pickel naast het vaste touw omhoog en kan zo nog wat support geven aan de groepsleden, we zijn nu weer bij elkaar. Voorbij die klim vlakt het spoor even wat af en na nog een laatste krachtsinspanning sta je op de pas, toppie, toppie. Aan de horizon begint het ochtendgloren, zo mooi. Je ziet er vier 8000-ers op een rijtje; de K2, Broad Peak, Gasherbrum I en II plus natuurlijk de Gasherbrum III en IV.

Het beklimmen van de pas heeft aardig wat energie gekost, we zijn nu zo’n 6 uur onderweg. Klim je aan de ene kant 600 meter omhoog, aan de andere daal je er 1000, de klim kant is allemaal sneeuw en ijs, de daal kant is - in augustus - alleen maar kale instabiele rots. Het vaste touw is hier de redding. De pas staat bekent om het steenslag gevaar, je begint zo vroeg mogelijk aan de afdaling om de opwarming van de rotsen door de zon voor te zijn. Los van dit verhaal leveren de medepasoverstekers ook een reëel stenen los trap risico op. We klikken in met onze karabiner en met het touw in je hand of gedraaid om je arm begin je aan de afdaling. Typerend voor Pakistan zijn er eigenlijk geen rustpunten, het gaat maar door en door. Het is buffelen voor Karin, ik daal samen met haar, Mayke en Abbas, onze gids, achterin de groep af. De Spanjaarden zijn boven ons, niet helemaal fijn.

Het laatste gedeelte naar Huespan, onze kampplek, loop je over een redelijk vlakke gletsjer morene die vol, maar dan ook werkelijk vol ligt met sokken! De porters doen die sokken als een soort van stijgijzers over hun schoenen heen, je weet niet wat je ziet. De kampplek is een oase, het staat er vol met prachtig bloeiende en geurige alpiene flora. We komen rond 10 uur het kamp binnenlopen en worden met gejuich binnengehaald. Voor mij valt er een last van mijn schouders, iedereen, de Pakistani en mijn groep zijn veilig de pas over.

Huespan - Skardu - Islamabad

Ziek. Wat voel ik me beroerd. De euforie van de geslaagde pasoversteek is nu wel even verdwenen. Ik heb eigenlijk geen idee wat er precies aan de hand is, maar ik heb koorts en mijn rustpols komt niet onder de 90 slagen. Het is een deja-vu van 2012, zelfde pasoversteek, zelfde resultaat, alleen toen zonder die koorts. Toen was het in een nacht over, de volgende dag stak ik samen met Stella en Ali Sadpara de Gondogoro La weer over naar de andere kant en liepen we diezelfde dag nog 'even' door naar het Broad Peak basecamp, een afstand waar we de afgelopen dagen drie dagen zoet mee waren. Deze keer is het niet zo maar over en de ozo mooie dag tussen Huespan en Shaicho, 1300 meter dalen en normaliter puur genieten, wordt tot een behoorlijke uitdaging. Daar, na een nachtje goed geslapen te hebben, heb ik weer praatjes.

Nu je eenmaal over de pas bent lijkt het hoogtepunt voorbij maar de dag naar Shaicho is een topper, we hebben fantastisch weer, we lopen de helft van de afstand voor de laatste keer over het ijs en komen dan weer tussen de bloemen. Shaicho zelf is een mooie plek maar we zijn ook weer terug op het vliegen niveau, ze zijn in serieuze aantallen aanwezig. 's Avonds regelt de groep de fooien voor morgen, in Hushe nemen we afschied van de dragers. Die laatste wandeldag is wel een beetje zo'n uitloopdag, het is maar 3 uurtjes lopen. We kamperen er in een mooie beschutte tuin met een vieze WC maar dan weer geen vliegen. De fooien ceremonie valt in goede aarde, Johan houdt een mooie speech, er wordt gelachen en geapplaudisseerd.

Na de lunch loop ik met Anne-Marie, Johan en Max door het dorpje naar Megdi, mijn kok van de Broad Peak expeditie van 6 jaar geleden. Dat levert natuurlijk een uitnodiging voor een kopje (melk)thee op, geserveerd met zoete en zoute koekjes plus gekookte eieren. Het is leuk hem weer te spreken, hij is net terug van een maand koken voor een expeditie naar de Latok I.

Op de terugweg naar Skardu bezoeken we nog het fort van Khaplu, een tot luxe hotel omgebouwde vesting. Het K2 motel in Skardu voelt als thuiskomen, het lijkt nu ineens heel wat comfortabeler ingericht als tweeënhalve week geleden. Dat de WiFi ook voor volwassenen onweerstaanbaar is blijkt binnen no time, de schermpjes lonken, gelukkig is de snelheid in onze beleving historisch traag, de lol is er zo weer af. 

We hebben de Pakistani staf uitgenodigd om met ons mee te eten in het hotel, leuk om ook hen eens te serveren. Natuurlijk eten we teveel.

Om 1230 uur moet onze vlucht vertrekken naar Islamabad, ik vind het maar laat. Stel dat deze geannuleerd wordt dan is de halve dag al voorbij voordat we aan de 25 uur jeep/bus rit terug (plus overnachting) naar Islamabad kunnen beginnen. 99 % no problem zegt Abbas, ik wil hem graag geloven maar hou er toch een beetje rekening mee dat wij in die resterende 1 % zitten. 

45 minuten later landen we in Islamabad na een van meest spectaculaire bergvluchten ter wereld. Na het opstijgen draait de Airbus een paar rondjes om snel hoogte te winnen en even later vliegen we vlak langs de top van de Nanga Parbat die net boven de op 8 kilometer hoger wolken uitsteekt naar het zuiden, yes!

In Islamabad lijkt het nu wel koeler. Het hotel blijkt in een best wel aardige wijk te liggen met er vlak naast een airco shopping mail met een heerlijke koffiebar (met snelle WiFi natuurlijk). 's Avonds eten we met z'n allen op een mooi dakterras, wel nog steeds alcoholvrij. De laatste dag lig ik met Mayke, Wenke, Pia en Max aan de rand van het zwembad van het Marriot hotel, zodra je uit de sauna komt lijkt het wel koel in Islamabad. We sluiten onze reis af met een complementary diner in het million dollar view restaurant op de bergheuvel boven de stad, thanks Ali.

Wat een super reis was het! Met dank aan Anne-Marie, Jan, Jeroen, Karin, Mayke, Johan, Max, Pia, Ronald en Wenke.

Wil je zelf deze reis maken in 2019? Stuur dan een mailtje naar info@nunatak.nl. Je komt dan op de geïnteresseerden lijst. 

Meer info over deze Nunatak reis.

Nunatak
De Erfgenamen 15
8334 SW Tuk
tel. 085 058 0023
e-mail: info@nunatak.nl
 
KvK: 62193929
BTW: NL064421946B01
IBAN: NL51INGB0006683663
10
8,6
376
Onze website maakt gebruik van cookies. Met cookies wordt de website persoonlijker en gebruiksvriendelijker.
extraSmallDevice
smallDevice
mediumDevice
largeDevice